Bestuurlijke en grondwettelijke rechtscollegesIn dit derde hoofdstuk een kort overzicht van enkele bijzondere rechtscolleges die moeten toezien op het optreden van de overheid:
Een burger kan, behalve met zijn medeburgers, ook conflicten hebben met de overheid. De mate waarin een burger rechtsbescherming geniet tegen niet-correct overheidsgedrag is medebepalend voor de mate waarin een samenleving een rechtsstaat is. Cruciaal in dit licht is het bestaan van een onafhankelijke gerechtelijke macht.
Zoals de burger mag ook de overheid geen contractbreuk plegen of iemand onrechtmatig schade toebrengen. Doet zij dat toch, dan kan de benadeelde burger altijd een burgerlijke rechtsvordering instellen tegen het betrokken overheidsorgaan. Een overheidsfunctionaris kan verder strafrechtelijk aansprakelijk worden gesteld voor wettelijk bestrafte misdrijven, zoals corruptie.
Het kan ook gebeuren dat een burger tijdens een burgerrechtelijke, strafrechtelijke of administratieve procedure op een rechtsnorm (reglement, besluit of Brusselse verordening) stuit die volgens hem strijdig is met de Grondwet, een wet, een decreet, een Brusselse verordening. Hij kan de betrokken rechtbank in dat geval vragen om die norm, die indruist tegen een hogere norm, niet toe te passen bij de beslechting van het geschil. Het betreft de
exceptie van onwettigheid. Ook dat is een vorm van controle op de overheid. Net zo kan men een rechtbank vragen om een nationale norm niet toe te passen als die strijdig blijkt te zijn met een internationale norm die in België directe werking heeft. Er bestaat wel controverse over wat te doen valt wanneer de Grondwet in strijd blijkt te zijn met het internationaal recht.
Los van dit alles bestaan er ook nog enkele bijzondere rechtscolleges die specifiek de bevoegdheid hebben om toe te zien op het optreden van de overheid, in welke gedaante ook: parlementen, regeringen, lokale besturen of administraties. Dit bij uitstek maakt België tot een rechtsstaat.